Arrestatie gezin Brisz

Er dook een politierapport op d.d. 21 augustus 1942 (met dank aan prof. dr. Arnoud-Jan Bijsterveld c.s. van Tilburg University): om 8 uur in de avond stelden twee politiemannen een onderzoek in in de woning van het Tilburgse echtpaar Coolen-Oomen in de Atelierstraat 87. Zij hadden Joden verborgen. De agenten troffen de bewoonster aan, samen met Chaja Cywia Zoludkowska. Zij was geboren op 21 augustus 1894 in Kalsch, Polen. Het woonadres van Chaja en haar echtgenoot was Sarphatistraat 205 een hoog in Amsterdam. (Extra wrang feit: de arrestatie vond plaats op Chaja’s verjaardag.) Op de vliering vond men ook Chaja’s man en zoon: Eljasz Brisz, geboren te Lodz op 25 februari 1899, koopman en Gerszon Brisz, geboren te Kalisz, Polen op 23 februari 1922, bedrijfsleider. De bewoonster en haar drie onderduikers werden naar het Hoofdbureau van Politie overgebracht. Om 10 werd ook de bewoner zelf daar afgeleverd.
Nader onderzoek wees uit dat het echtpaar Coolen-Oomen de oorlog heeft overleefd. Het was me al bekend dat Eljasz Brisz in augustus 1942 in de gevangenis van Den Bosch was beland en dat deze drie Joodse mensen niet lang nadien in de vernietigingskampen waren vermoord. Zij waren de ouders en de broer van Sonja Sturkop-Brisz alias Brisch.
Voor hun verhuizing in 1938 naar Amsterdam woonden zij in diezelfde Atelierstraat, op nummer 87.

Pension Van Straalen

Dit artikel fungeert mede als oproep, in de hoop dat de zoekmachines de aandacht van nazaten van de onderstaande personen hierop vestigen:

Bij het onderzoek naar mijn grootmoeder Van Straalen en haar familie stuitte ik op de mooie website https://www.parkenbuurt.nl/. Daar valt te lezen dat aan de Loolaan 44 vanaf 1945 het pension ‘Huize van Straalen’ was gevestigd. Dit pension heeft daar vanaf 1945 gestaan. Een kijkje in ons stadsarchief vertelt ons dat zes leden van het gezin Van Straalen daar ook woonden. Voor mij handig in de buurt: tien minuten wandelen vanaf mijn adres.
Ik was deze familie lang ‘kwijt’. Hun spoor liep dood nadat zij in Arnhem hadden gewoond.

Eerst maar even ver terug in de tijd. De oprichter Johannes Willem van Straalen werd in 1857 in Amsterdam geboren, in een straatarm gezin. Net zoals zijn oudere broer werd hij kok bij de Marine, maar wegens ongeschiktheid verloor hij, na enkele verre reizen, zijn baan. In 1885 vertrok JW met zijn vrouw naar Zutphen en daar kwamen hun vijf kinderen ter wereld. In Zutphen begon JW een restaurant annex pension, dat zij tot 1912 als Hotel Van Straalen in bedrijf hielden:

De reden dat zij naar Arnhem vertrokken is niet achterhaald, maar JW zette daar met zijn echtgenote en drie kinderen het Pension Van Straalen voort. Men kon daar trouwens uitstekend dineren en – avant le lettre – maaltijden aan huis bestellen. Dochter Anna en zoon Pieter waren in Zutphen al het onderwijs ingegaan. Bij toeval ontdekte ik een foto van een door oorlogsgeweld verwoeste Korte Walstraat in Arnhem, waar het huis van Van Straalen troosteloos in een lange rij andere ruïnes stond. De reden dat het bedrijf daarmee verloren was gegaan is daarmee wel duidelijk. JW en zijn vijf kinderen bleken na 1945 nog te leven, dus geen der gezinsleden had daardoor het leven had gelaten.

In Arnhem hield het spoor per 1945 op, maar dat blijkt nu vlak bij huis verder te volgen. Zij zetten in Apeldoorn dus voor een derde maal een bedrijf op. JW liep bij aankomst in onze stad al tegen de negentig. Zijn dochters Zwanette en Gerardina en Jan, de jongste zoon, namen gezamenlijk de zaak over c.q. werkten erin mee. Al niet meer de jongsten: zoon Jan was de vijftig al gepasseerd. Successievelijk vestigden ook Anna en Pieter zich aan de Loolaan 44. Van Pieter (hij was leraar MO) is bekend dat hij en zijn echtgenote later aan de Felualaan woonden. JW is in 1952 overleden. Hij is bijna de enige in zijn generatie Van Straalen en de daarop volgende die aan de armoede wist te ontkomen.
Uit de overlijdensannonce van Anna (ze werd 101 jaar en overleed in Randerode) kunnen we opmaken dat geen der nazaten in 1990 nog in Apeldoorn woonde. Drie van hen woonden in het buitenland, drie anderen in andere plaatsen in ons land. We zullen proberen nog iets nader te weten te komen over deze onderneming, die tot 1965 in aan de Loolaan in stand bleef. Overigens kon men daar voor f. 7,50 overnachten.

Het is vreemd dat in onze familie naar mijn weten nooit over deze oom, tante, neven en nichten is gesproken. Als men van hen had geweten, dan zou het bombardement toch wel onderwerp van gesprek moeten zijn geweest. En het succes van oom JW zou aanleiding hebben gegeven tot opmerkingen daarover. Het is niet onmogelijk dat JW en zijn oudere broer, Paul Emile van Straalen, van elkaar waren vervreemd. Paul Emile, mijn overgrootvader, was scheepskok, later bij de wilde vaart en hij verliet zijn nogal grote gezin, om nooit meer terug te keren. Dat kan de reden zijn geweest dat ‘onze’ zijde nooit van de hunne heeft geweten.

Ik heb één flauwe hoop: mochten de ouderen onder ons zich nog iets van de gezinsleden herinneren, of bijvoorbeeld Pieter als docent hebben gehad, dan houd ik mij aanbevolen: ko@sturkop.nl. En wie weet kent iemand nog een nazaat, die wellicht nog mooie foto’s of verhalen heeft. In elk geval woonde in 1978 aan de Loolaan 27 nog de echtgenote van Pieter van Straalen. Zij overleed op dat adres; haar schoonzus en zwager Anna en Jan van Straalen ondertekenden mede vanuit Apeldoorn de overlijdensannonce.