Watersport en dammen

Nieuwsitem d.d. 14 september 2015: Altijd treffen we weer een nieuwe digitale bron aan, nu van kranten en adresboeken uit Haarlem en omstreken. Los van de al bekende feiten duikt toch weer nieuws op. Zo zien we Marcus Sturhoofd (betreft Deel III – hoofdstuk 26) in 1919 en 1920 in Haarlem aardige resultaten behalen in de damcompetitie.

Maar vooral twee mooie foto’s: Ans Sturkop (betreft Deel III – hoofdstuk 36) in actie tijdens een damescricketwedstrijd en haar tweelingzus Coks Sturkop (betreft Deel III – hoofdstuk 37) als een van de vijf gymnasiasten die bij de nationale zwemwedstrijden in het Zuiderbad te Amsterdam de 5 x 25 meter estafette vrije slag wonnen. Van Ans wisten we dat zij goed cricket speelde; dat Coks naast haar prestaties met schoonspringen ook snel te water was, is nu ook duidelijk. Over Nico Sturkop (betreft Deel III – hoofdstuk 25) werd al zoveel geschreven, maar naast de gebruikelijke artikelen over hem als veelvoudig Nederlands kampioen schoonspringen, zien we hem nu als sergeant van de Koninklijke Nederlandsche Weerbaarheid-Vereeniging (KNWV) met zijn manschappen tijdens de demonstratie ‘gymnastische standen’ veel ‘eer van zijn werk hebben’. Daarbij is het de bevestiging dat hij net als zijn oudere broer actief was in de KNWV. Als lid van de KNWV blijkt Nico ook niet alleen goed in schoonspringen te zijn, maar hij wint ook een wedstrijd snelzwemmen op de borst over 50 meter. ‘Hun sergeant werd eerste, hetgeen niet meer dan behoorlijk is, vooral wanneer men in aanmerking neemt, dat het Sturkop, Nederlands kampioen in het schoonspringen, was. Sturkop bleek een flinke snelheid te kunnen ontwikkelen; hij legde de 50 meter in 41 2/5 seconde af, terwijl de beste van z’n manschappen 9 seconden meer nodig hadden.’ En wederom is hij bij verscheidene waterpolocompetities scheidsrechter. Ans Reinders-Sturkop vertelde mij ooit het verhaal dat tijdens een demonstratie schoonspringen door Nico de duikplank het begaf en hij met plank en al in het water belandde. Niet slechts een familiemare, maar: ‘…helaas was de springplank op de duiktoren niet bestand tegen de sprongen en het afzetten van de kampioenspringer, waardoor men spoedig genoodzaakt was de andere plank te gebruiken.’